Mini Cooper D 1.5 2015 - autotest
Geschreven door Daan van der Keur - 31 juli 2015
Deze testauto werd ons aangeboden door BMW Group Nederland
KaM(ini)pioen
In eerste instantie wilde ik een Mini Countryman afspreken, maar het werd alsnog een Mini Cooper D wat ik helemaal niet erg vond. Ik ben namelijk gek op diesels en had op de Mini-site gelezen dat deze Cooper D een 3-cilinder 1.5-liter dieselmotor onder de motorkap heeft hangen. Ik kan mij herinneren dat de toenmalige PR Manager van BMW/Mini (dat is nu allemaal apart) mij ooit opbelde of ik de nieuwe Mini Cooper D een dagje wilde testen. Ik weet nog goed dat het een hele leuke en vooral ook mooie zonnige dag was, ik weet zelfs de kleur van de auto nog en ook waar ik de actiefoto’s heb gemaakt. Toch was die 4-cilinder diesel bij lange na zo lekker niet als deze 3-cilinder diesel. Dat merkte ik meteen na het wegrijden al want de lekkere bochtencombinatie direct om de hoek en de mooie (verkeerde!) oprit naar de A4 waren een feestje. Geen idee waarom maar ik rij hier dus altijd verkeerd, en dus moest ik er bij Leidschendam weer af en aan de andere kant de A4 weer op. Dat is absoluut geen straf want zowel de oprit als de afrit zijn met deze Mini Cooper D genadeloos leuk. Dat komt omdat de bottompower van deze Mini Cooper D werkelijk miraculeus goed is. En dat terwijl het 1.5 liter 3-cilinder motorblok toch echt maar 116 Pk/4.000 en 270 Nm/1.750 heeft. De auto die al halverwege de oprit naar de A4 reed vloog ik werkelijk naartoe, zo krachtig accelereert deze Mini in de (2de en) 3de versnelling. Hoeveel leuker wil je het überhaupt hebben schoot het door mijn hoofd. Dit dieselblok is zo mooi en zo goed getuned dat voel je direct, precies wat Roel van Rica Engineering even later tegen mij zei. Een vermogens/koppel-grafiek met mooie strakke lijnen voelt in de praktijk ook zo aan, wat mooi is dat is ook 9 van de 10 keer goed. Maar dit voelt wel heel erg goed aan, ik kan me geen auto herinneren van de laatste 5 jaar die ik zo leuk vond qua acceleratie in 2 en 3.

En bijna zou ik vergeten op te schrijven dat ik voor het starten van deze Mini Cooper D maar eens even goed achterover ben gaan leunen in de heerlijk zittende bestuurdersstoel. Na het afstellen van de spiegels, het stuur en de stoel wilde ik de auto starten maar waar zit in hemelsnaam dat startknopje van deze Mini Cooper D? De contactsleutel zag er namelijk uit als eentje van het type keyless entry, dus ergens voor mijn neus moest er toch echt een startknopje zitten. Zoek maar op de foto’s waar-ie zit. Bij Leidschendam aangekomen heb ik op de A4 rijdend nog even extra gas gegeven, zodat ik er zeker van was als eerste de buitenste afrit te kunnen pakken. Via de lange buitenste baan voor rechtsaf vloog ik werkelijk alles en iedereen voorbij alsof ze achteruit reden. Het is moeilijk uit te leggen maar dit is zo’n mooie en lastige bocht tegelijkertijd, want je moet constant aanvoelen of de banden de hoge druk aankunnen. Grip betekent hier alles en dus is het zaak dat je als bestuurder constant moet voelen of die grip er is. Dat de grip zelfs met 16-inch Michelin Energy Saver banden zo goed is zegt meteen alles over de kwaliteiten van deze Mini Cooper D. De toon was meteen gezet na nog geen 10 minuten rijden, en dat is best knap want vaak duurt het wel minimaal een halve dag voordat ik gewend ben aan een auto. Over de A4 heen reed ik er aan de andere kant weer op, een mooie oprit waar je goed op moet letten dat er niet per ongeluk iemand tegen je aan rijdt. Veel automobilisten op de rechterbaan rijden vaak zonder te kijken de oprit naar de A4 op. Het is ook lastig dat geef ik toe, maar kijk dan alsjeblieft zeg ik altijd! Met de Mini Cooper D kon ik dankzij de geweldige acceleratie lekker snel door de slinger-opritbocht heen de A4 naar Rijswijk/Rotterdam oprijden.

Rica Engineering
Na mijn kennismaking met Roel van den Brink Sr en Jr van Rica Engineering was het, na het bewijs van het spectaculaire vermogenstekort van de Opel Insignia OPC 2.8 V6 Turbo 4x4 AT-6 Sedan, even een periode stil. Totdat ik een week of twee geleden een mailtje ontving of ik hen wilde helpen met de teksten van hun nieuwe brochure. “Ik hou wel van vechten met auto’s en vechten met woorden dus dit lijkt mij een leuke uitdaging”, antwoordde ik. En zo reed ik die ochtend in de Mini Cooper D richting Wateringen, een weg met hele mooie bochten erin. De afrit is daar altijd eentje van wie het eerst komt het eerst maalt, want de linkerbaan van de afrit moet je zo laat mogelijk oprijden en dan maar hopen dat er niemand voor je rijdt. De bocht naar rechts is verdomde lastig en dat komt omdat de bocht niet loopt zoals je zou verwachten. De bocht knijpt meer af dan je zou denken dus is het zaak ’m goed aan te snijden, vooral ook vanwege het invoegende verkeer van links. Onderstuur is in deze fraaie rechterbocht dus zeer ongewenst, maar gelukkig is dat nou net iets waar deze Mini Cooper D geen last van heeft ook niet met het DTC/DSC uit. Dat stond toen overigens aan, maar in de middag (moest ik weer naar Wateringen) heb ik het uitgezet. De rotondes en bochten op weg naar Rica Engineering zijn allemaal even mooi, en dus reed ik ook hier weer niet expres verkeerd. Rotondes pakken en snel door haakse bochten heen rijden (lees: knallen) is hét handelsmerk van deze Mini Cooper D, nog meer dan van zijn benzinezusjes.

Na een goed gesprek bij beide Roelen van Rica Engineering ben ik nog even op en neer naar Rijswijk gereden. Ik had namelijk een leren damesjasje achterin de kofferbak gevonden, en die wilde ik even terugbrengen naar de BMW-importeur in Rijswijk. Met een snelheid van 100 km/u kabbelde ik over de A4 rijdend met het verkeer mee. Nou ja 100 km/u? Toen ik wilde plussen naar 105 km/u vloog de ingestelde cruise snelheid in één keer naar 110 km/u. Huh??? En daarna weer terug naar 108 km/u en vervolgens weer in één keer naar 100 km/u. Wasdanou? Awel hier blijkt dus fingerspitzengefühl gevraagd van de bestuurder, want wat blijkt het geval te zijn… Lichtjes op de plus/min-knop drukken betekent 1 km/u erbij of eraf maar druk je de plus/min-knop iets harder en dus dieper in dan komt er 10 km/u erbij of eraf. Aha heel subtiel en slim bedacht van BMW, maar je moet het wel even doorhebben (gemaakt voor gevoelige vrouwenhanden?). Daarna heb ik er geen problemen meer mee gehad, en om heel eerlijk te zijn vind ik dit de handigste plus/min-knop tot nu toe. Maar het blijft elke keer weer wennen voor iemand zoals ik (die altijd afremt op de motor en vrijwel nooit zijn remmen gebruikt) dat de cruise control aan blijft staan tijdens op- en terugschakelen.

Weer naar Wateringen
Na het terugbrengen van het leren damesjasje moest ik dus vanaf de BMW-importeur weer de A4 oprijden, en wat doe ik?????? Jep ik nam weer de verkeerde oprit per ongeluk niet expres. Oké dat werd dus nog een keer eraf bij Leidschendam, HEERLIJK!!! Dit keer was ik ook precies op tijd alleen toen ik naar binnen wilde snijden reed er een Lexus precies naast mij. Even terugschakelen en een stoot gas erbij was genoeg om voor de Lexus langs te rijden, en zo toch weer deze lekkere afritbocht nog een keer snaarstrak te kunnen nemen. En alweer deed de Mini Cooper D het steengoed in de bocht der bochten als het om g-krachten gaat. Automobilisten die dan ook zeggen dat de Michelin energy Saver een waardeloze band is, die moeten zich eens ernstig afvragen of de vering/demping van hun auto wel goed is. Oh en lees het testverslag van de Toyota Prius Plug-In Hybrid nog maar eens een keer, ha, ha. Toen ik aan de andere kant de A4 weer op reed had ik even een soort van ruzie met iemand die wilde invoegen op de A4 richting Rijswijk terwijl ik daar al reed. Het blijft toch erg lastig voor veel automobilisten om in hun spiegels en over hun schouder te kijken. Bij Wateringen aangekomen zat er iemand achter mij die de afritbocht aldaar ook erg leuk vind, maar door even wat gas bij te geven was ik hem net voor. En ook nu weer deed de Mini Cooper D - met het DTC/DSC uit - het fantastisch, want de snelle man in zijn snelle auto achter mij trok het niet in die bocht. Een dikke plus dus voor deze Mini Cooper D, wat mij betreft de leukste Mini die ik tot nu toe heb getest. En dat komt absoluut door die 3-cilinder, dat heeft te maken met de mooie afgifte van het koppel. Direct na deze Mini Cooper D heb ik de Ford Focus ST-3 2.0 TDCi getest, en dat veel sterkere (+69 Pk en + 130 Nm) 4-cilinder dieselblok is gewoon lang zo leuk niet als dit 3-cilinder 1.5-liter dieselblok.

Terug naar Leiden rijdend ben ik eens even goed het dashboard gaan bekijken, want tot nu toe had ik daar helemaal geen tijd voor gehad. Waar vroeger de snelheidsmeter (zie foto) zat daar zit nu een scherm met alle menu’s zoals de NavSat, radio, media etc. Dit vind ik vele malen beter en de bediening ervan is doodeenvoudig met behulp van de knoppen op de midden console. Om mijn USB-stick aan te zwengelen moest ik wel even zoeken, maar dat lag aan mij zag ik even later. Goed lezen is ook een vak Daan! De NavSat is ook eenvoudig te bedienen, al moest ik wel even wennen aan de draaiknop die ik de andere kant op moest draaien dan ik verwacht had. ik kon Henk aan de hand van de aanwijzingen (zonder stem, die zet ik altijd uit) op het display makkelijk vinden vanaf de friettent in Wateringen waar ik even wat was gaan eten. En het adres van Henk is lastig te vinden dus een plusje voor de Mini Cooper D. De audio vond ik ook prima dus wat mij betreft mag het Mini Connected systeem blijven. Om alle mogelijkheden op een handige manier te leren kennen kun je het beste even “Mini Connected” intypen en via de Mini website krijg je dan een ‘reis’ door het systeem aangeboden dan wel lees je de pdf-file waar alles instaat over de Mini Connected App. Wat ik zelf erg fraai vind is de bediening van een GoPro-camera met behulp van Mini Connected en uiteraard de g-forcemeter.

Proppen en knallen
Zo op het oog lijkt de bagageruimte van deze Mini Cooper D net zo mini als de naam. Toch blijkt dat erg mee te vallen, want 146 liter met hoedenplank en 179 liter zonder hoedenplank viel mij mee.
Samsonite kofferset
Met hoedenplank: 2x50-liter + 1x33-liter + 1x13-liter
Zonder hoedenplank: 2x50-liter + 2x33-liter + 2x13-liter
Na het fotograferen van de kofferset ben ik nog even naar de A44 gereden om wat snelheden + toerentallen en maximum snelheden per versnelling te noteren, voor zover mogelijk dan want ik ga ondanks de politie-acties de goden niet verzoeken.
Snelheid - versnelling/toerental
50 km/u - 3de/1.800 - 4de/1.250
60 km/u - 4de/1.500
70 km/u - 5de/1.500
80 km/u - 5de/1.750 - 6de/1.500
100 km/u - 5de/2.100 - 6de/1.800
120 km/u - 5de/2.500 - 6de/2.100

Versnelling - maximum snelheid (rode gebied begint bij 5.200 toeren)
1ste - 50 km/u
2de - 85 km/u
3de - 140 km/u
4de - +180 km/u
5de - Rijbewijskwijtsnelheid
6de - Rijbewijskwijtsnelheid

Het mag duidelijk zijn dat de toerentallen lekker laag zijn, wat dus ook klopt met het lage verbruik. Ook tussenacceleraties gaan daardoor lekker snel, want je kunt gewoon terugschakelen naar een versnelling lager dan je gewend bent in een benzine-auto. Ik ben heel erg benieuwd wat het verbruik is met 180 -200 km/u over de Duitse Autobahn. Met de maximum snelheden per versnelling zit het in ieder geval goed, en door de mooi gekozen overbrengingsverhoudingen is het volgens mij heerlijk Autobahn burnen met deze auto.

Ultieme zuinigheidsrit deel 1
Nee helaas geen ultieme zuinigheidsrit qua remmen = ook stilvallen zonder te remmen, want dat was mij de avond ervoor - sinds ik ermee begonnen ben - voor de 2de keer gelukt met de Mazda 2. Dit keer heb ik een nieuw zuinigheidsrecord gevestigd, waarvan ik nooit had gedacht dat ik dat juist deze avond zou vestigen. Wees nou eerlijk een diesel met een inhoud van 1.5-liter en slechts 3 cilinders, dat is bepaald geen recept voor een zuinigheidsrecord. Grappig weetje trouwens dat BMW 500cc per cilinder als de ideale cilinderinhoud beschouwt. Oké het verbruik viel mij tot nu toe niet tegen, maar dik boven de 1:30 vind ik toch wel erg zuinig voor een auto van 1.110 kilogram. Na vertrek ging de ‘vrouwelijke’ cruise control erop en reed ik met 80 km/u in de… ja uh welke versnelling zou ik nou kiezen? 80 km/u in de 6de versnelling voelde maar net aan goed aan, ik had het idee dat het motorblok moeite had om de krukas rond te laten draaien. Omdat de cruise control geactiveerd blijft tijdens op- en terugschakelen kon ik heel snel wisselen tussen de 5de en 6de versnelling. Lichtjes heuvel op rijdend op de N206 voelde de 5de versnelling beter aan, en lichtjes dalend juist de 6de versnelling. Bij de haakse bocht ter hoogte van De Zilk aangekomen liet ik de cruise control aanstaan op 70 km/u, en direct na de bocht baalde ik al dat ik ’m niet had vastgezet op 80 km/u. In Vogelenzang aangekomen had ik weer de moeilijkheid van de dranghekken rondom de resten van omgevallen bomen van de stormzaterdag. Maar gelukkig lukte het me ook nu weer om zonder te remmen om de dranghekken heen te rijden. Op de bomenweg had ik weer eens de pech dat er een fossiel voor mij reed. Krielemenee wat word ik moe van dit soort automobilisten, rij of normaal of lever je rijbewijs in als je bang bent om auto te rijden. Het is zo lastig om op de cruise control te rijden achter dit soort mensen. Maar goed na een kilometer of twee sloeg ik linksaf en was ik ze kwijt. Nog steeds nul keer remmen en het ging erg lekker, ik had een goed gevoel over een mooi laag verbruik. Maar of ik die 1:32 komma nog wat zou halen, ik moest het nog zien dat het zou lukken.



Ultieme zuinigheidsrit deel 2
Op de T-splitsing afrijdend zag ik in de verte zoveel verkeer van links en rechts passeren, dat ik het onmogelijk achtte zonder te remmen linksaf te kunnen slaan. Vlakbij de T-splitsing aangekomen lukte het me om de Mini Cooper D bijna tot stilstand te remmen, en na een supersnelle blik links-en-rechts lukte het me razend snel er tussendoor te piepen. Genietend van het mooie zomerweer reed ik richting de kust van Zandvoort. De rotonde na het wildviaduct reed ik zo supersnel overheen, daar stond zelfs ik ook echt even van te kijken. De wegligging van deze Mini Cooper D is werkelijk geniaal goed voor zo’n doodgewone hatchback, want geen aangepaste vering/demping en geen Ultra High Performance banden! De smalle bochtencombinatie richting de spoorbomen ging goed, maar ik zag net te laat dat de spoorbomen dicht waren. Ik probeerde nog hard af te remmen op de motor door razend snel terug te schakelen naar de 2de en 1ste versnelling maar het was net te laat. Eén maal remmen was een feit terwijl dat totaal onnodig was geweest! Na de spoorbomen moest ik weer even in mijn ritme komen, want ik baalde als een stekker dat ik had moeten remmen. De rotonde naast CPZ ging gelukkig erg lekker en heel mooi glijdend, en ook de bocht bij de benzinepomp ging lekker. Daarna doemde er een onzeker rijdende camper voor me op die niet wist welke kant-ie op wilde. En jawel op de boulevard ook weer een fossiel, het houdt niet op niet vanzelf. Op de duinenweg kon ik de vaart er weer ingooien, wat zoveel betekent als eindelijk weer 80 km/u rijden. De terugweg ging genadeloos perfect, op alle lastige punten van de route hoefde ik niet te remmen. Dan baal je dus echt als een stekker, want ik wist dat ook deze zuinigheidsrit een nul keer remmen had kunnen worden. In ’t Heen aangekomen stond mij een grote verrassing te wachten, want na het vol gooien van de brandstof tank zag ik 1,99 liter op het display staan. [69,8 km/1,99 ltr diesel = 1:35] Jiha een nieuw record, superrrrrrrr!!!

Vreemd
Na de zuinigheidsrit heb ik nog even een rondje in Space gedaan, wat uitermate toepasselijk is met een Moonwalk Grey Mini. Het Space Business Park is ALTIJD leuk, maar waarom deze keer dan niet??? Hoe kan het in hemelsnaam dat ik een auto die mij ongelofelijk goed bevalt, én waarmee ik zojuist een nieuw zuinigheidsrecord heb gevestigd, niet leuk vind in mijn ruimte-speeltuin. Het verhaal wordt nog vreemder want de volgende dag moest ik werken en dus vroeg mijn bed uit, en dus had ik het hele rotondecircus voor mezelf. En ja het was wel geinig maar ik vond het net als het Space Business Park gewoon niet écht leuk. En dat terwijl ik op weg naar mijn werk de grootste lol had tijdens het rijden. Hoe ga ik dit raadsel verklaren, want dat is het toch wel lijkt mij. Laat ik beginnen met de constatering dat zodra ik achter het stuur plaatsnam ik direct het gevoel had de Mini totaal onder controle te hebben. Let wel nog zonder 1 meter gereden te hebben! En dat rijden is heerlijk, of je nou rustig rijdt of even lekker sportief dat maakt niet uit. Als een fossiel rijdend op de snelweg met 100 km/u op de cruise control of de maximale maximumsnelheid rijdend (is +8 km/u sneller dan de exacte snelheid op de exacte GPS-snelheid). Maar de politie staakt voorlopig nog dus die snelheidscontroles staan zo ruim afgesteld dat de kans dat je geflitst wordt uitermate klein is. Had ik misschien last van een zonnesteek door de tropische hitte? Dat kan niet want dit is geen Mini Cabrio. Ik heb er hoe dan ook geen goede verklaring voor maar ik vind deze Mini Cooper D ongelofelijk leuk, vooral vanwege dat heerlijke 3-cilinder diesel motorblok dat vooral onderin vanaf pak ‘m beet 2.500 toeren trekt als een jekko. Laat ik het er maar op houden dat ik gewoon een slechte dag en nacht had van vrijdag op zaterdag. Op het Space Business Park heb ik ook nog even een noodstop gemaakt, zoals ik dat altijd met iedere testauto doe. De Mini Cooper D stond dik op tijd stil ondanks de maar 15-inch grote en maar 175 mm breden banden. Geloof het of niet maar dat komt - echt waar! - ook mede door de uitstekende vering/demping. Hoe gek het ook mag klinken hebben ook de vering en de demping invloed op de remweg. Ik heb daar een keer een test van gezien en dat scheelde behoorlijk wat meters, ik las op een website over vering/demping dat het tot wel 20 procent kan schelen.

Géén zondagsrijder wel een zondagskind
Zondag zat ik goed, lekker, happy en strak in mijn vel en vraag me absoluut niet waarom. Misschien kwam het wel omdat ik zaterdag zo lekker had gewerkt en mijn bevruchtingsresultaten (zo heet dat nou eenmaal, niets achter zoeken aub.) daardoor zondag zo goed waren, want met ICSI en IVF weet je het maar nooit. Ook al ben je technisch nog zo vaardig - ICSI is een stuk moeilijker dan autorijden - het kan altijd tegenvallen. Of misschien kwam het wel door de perfect gelukte fotoshoot zaterdagavond samen met mijn zwager, want de actiefoto’s zijn erg goed gelukt. Zondag mocht ik iets later beginnen omdat het rustig was vanwege de vakantie, dus stapte ik in plaats van 07.00u pas om 08.00u in de auto. Ik had er zin in en de term zondagsrijder was die dag even niet op mij van toepassing, zeg maar gerust verre van dat zelfs! Na vertrek heb ik meteen het DSC/DTC uitgezet, alhoewel beide veiligheidssystemen ook behoorlijk wat toelaten als ze aanstaan. Met beide veiligheidssytemen uit is het gewoon een stuk leuker rijden, tenminste als je ermee om kan gaan want dat is natuurlijk wel een vereiste. Op weg naar Holiday Inn had ik helaas een fossiel voor mij, ik word in ieder geval niet blij van automobilisten die zondagochtend vroeg 40 km/u rijden. Een hele echte zondagsrijder dus in tegenstelling tot de Mini-rijder achter hem. Maar ik had geduld want twee stoplichten kon ik er tegenaan in de haakse bocht naar rechts. De Michelin Energy Saver banden van slechts 16-inch kleefden stevig aan het asfalt, af en toe wat piepen producerend want deze banden piepen inderdaad heerlijk (ik mag het eigenlijk niet zeggen maar ja ik kan daar nou eenmaal van genieten).

In elke bocht zette ik het gas er even op in de 2de versnelling, de powerboost die tussen de 2.000 en 2.500 toeren begint is zo ongelofelijk verslavend, heerlijk! Bij de koeienrotonde aangekomen was het uitgestorven en dus kon ik even heerlijk over de rotonderand heen glijden. Alles ging perfect tot op de millimeter precies, maar op dat moment begreep ik nog niet waarom. Aangekomen bij de rotonde + haakse bocht voor de kwakkelende hamburgergigant besloot ik toch nog maar een keer een rondje rotondecircus eraan te wagen. De eerste rotondebocht over de binnenring ging heerlijk, en ook toen ik de rotonde verliet had ik een lekker gevoel in mijn lijf. Op naar de lastigste rotonde waar ik met twee wielen op de rotonderand en twee wielen op het asfalt meteen daarna plankgas in de 2de versnelling hard naar rechts moest sturen vlak langs de vangrail. Vond ik het nu wel leuk en lekker omdat ik beter in mijn vel zat, of vond ik het nu alleen maar leuk en lekker omdat ik de adrenaline door mijn lijf voelde stromen? Geen tijd om daarover na te denken want ik moest weer plankgas in de 3de versnelling op naar de grote ovale rotonde. De verzakking na het viaduct lijkt steeds erger te worden, niet zo verwonderlijk met die altijd maar zakkende veengrond. Slecht voor de gewone automobilisten maar goud voor iemand die auto’s test (en uiteraard ook de malafide wegenbouwers die de weg steeds opnieuw op moeten hogen). Op de ovale rotonde afrijdend had ik behoorlijk wat snelheid, maar door de uitstekende grip van de banden (mede door de onafhankelijke achterwielophanging) kon ik de snelheid hoger houden dan ik gedacht had.

Toch heb ik op het rechte stuk van de ovale rotonde nog maar wat snelheid eruit gehaald, ik ben namelijk niet het type mens dat de goden gaat verzoeken. Toen ik naar binnen sneed over de rotonderand richting de binnenring deed dat de Mini Cooper D weinig. Een testauto met minder goede vering/demping trekt dit absoluut niet, en heeft dan bij afwezigheid van een elektronisch sperdif last van hevig onderstuur. Daarna ging het gas er weer op om direct daarna met linkerkant over de rotonderand en landend op het asfalt over de verzakking heen te knallen. Heerlijk en het leukste van dit punt op het rotondecircus is dat je een testauto dan bijna altijd even een hupje voelt maken. Met deze Mini Cooper D was dat het geval ondanks het gebrek aan Pk’s en Nm’s, maar dan zie je dus dat een 3-cilinder dat veel beter doet dan een vergelijkbare 4-cilinder. Op naar de leukste kleine rotonde, eentje waarbij je het stuur heel snel van rechts naar links naar rechts moet omgooien. De Michelin Energy Saver’s piepten behoorlijk maar dat vind ik dan juist weer één van de leuke eigenschappen van deze eco-banden. Jippie wat had ik een lol en waarom vraag het me niet, ineens was het er en dan kan je er alleen maar van genieten. Nu nog de grote rotonde op en af en eigenlijk baalde ik dat ik de g-forcemeter niet aan had staan. De g-krachten zijn op deze rotonde het hoogst en dat is goed te voelen aan de carrosserie, maar als je naar de actiefoto’s kijkt valt het overhellen mee. Logisch want de veerweg is daar gelukkig te kort voor, iets wat de wegligging ten goede komt. Maar dan wel alleen als de vering/demping goed afgesteld is, en ook het stuurgevoel goed is. Want ook dat is erg goed aan deze Mini Cooper D, de auto stuurt net tegen het zware aan en dat past perfect bij deze auto.

Geniaal goed
Tijdens het rijden was mij uiteraard direct opgevallen dat de vering/demping van deze Mini Cooper D uitstekend is. Logisch want als zelfs eco-banden als de Michelin Energy Saver werkelijk uitstekende grip hebben dan kan dat niet anders. Maar gek genoeg was me toch niet opgevallen hoe geniaal goed de vering/demping werkelijk is. Daar kwam ik pas beetje bij beetje achter, bijvoorbeeld toen ik zondagochtend op weg naar mijn werk over de zeer vervelende snelheidsbrekers heen reed bij mij om de hoek. Ik was er eerst met een vrij lage snelheid overheen gereden, maar nu merkte ik dat zelfs met een snelheid van 40-50 km/u de snelheidsbrekers amper voelbaar waren. Toen wist ik meteen wat mij die laatste testdag te doen stond; ik moest en zou de klinkerweg langs de Stompwijksche Vaart rijden. Die weg is een scherprechter eerste klas, dus als deze Mini daar goed presteert dan is-tie van grote klasse. Vanaf mijn appartement reed ik richting de A4, en zo verder richting Zoetermeer. Deze weg reed ik vroeger heel vaak toen ik nog motoren testte, maar tegenwoordig eigenlijk nog maar zelden. Op het 80 km/u gedeelte kwam ik achter een auto te hangen die 60 km/u reed, en toen ik de fietsendrager met 2 fietsen erop zag bewegen begreep ik waarom. De oude man achter het stuur was waarschijnlijk bang om harder te rijden vanwege die bewegende fietsendrager. Als-tie niet goed vast gemaakt was dan had ik toch echt even aan iemand anders gevraagd dat te checken. Stel je voor dat ik met de Mini Cooper D die fietsendrager had moeten koppen. Ik heb deze auto dus maar even wijselijk ingehaald op het rechte stuk toen de dubbele doorgetrokken streep ophield. Het zal niet de eerste keer zijn dat er iets (lees: lading) voor mijn neus op het wegdek valt, ik heb dat helaas meerdere keren meegemaakt. Drie keer met de motor en twee keer met de auto, en gelukkig had ik alle keren mazzel dat ik het er goed/levend vanaf heb gebracht.

Bij Stompwijk aangekomen ben ik meteen rechtsaf geslagen de klinkerweg op. Dat voelde goed aan, heel erg goed zelfs, verbijsterend goed zelfs, want ik zat met open mond achter het stuur. Uh ja zo goed had ik dus niet verwacht… Eenmaal over de hoge brug ben ik 50 km/u gaan rijden, en heb ik zoveel mogelijk bruggetjes-verhogingen, vanaf de klinkerweg zijn er allemaal klein bruggetjes naar de huizen aan de andere kant van de Stompwijksche Vaart. Dat voelde perfect aan, ik kon het onderstel van de Mini Cooper D werkelijk op niet één foutje betrappen. Eenmaal het dorp uit voerde ik de snelheid op naar 60 km/u, en toen ik het gevoel had dat dit perfect aanvoelde verhoogde ik de snelheid naar 80 km/u, en op het gedeelte zonder huizen/boerderijen zelfs even naar 100 km/u. Wow dit is echt geniaal goed (en dat nota bene met korte veren + schokdempers/schokbrekers) en ik heb dat niet eens door gehad! Ik schaamde me dat ik de vering/demping van deze Mini Cooper D niet op waarde heb geschat. Zo zie je maar weer hoe belangrijk bepaalde wegen/weggetjes zijn om een auto goed te testen. Omdat ik er nu toch was ben ik meteen maar door gereden richting de N14 vanuit Leidschendam, daar ligt een mooie verzakking middenin de brede bocht vlak naast de N14. Omdat ik nu van de Leidschendam-kant kwam was het totaal anders dan vanaf de A4-kant. Ik reed met een behoorlijke vaart de bocht in, en uiteraard begon het onderstel van de Mini te zoeken. Dat kan ook niet anders gezien de vrij heftige verzakking, maar door steeds weer even grip te pakken kon ik de Mini Cooper D perfect in de rijrichting blijven sturen. Dit korte ritje van Stompwijk naar Leidschendam was wat mij betreft een onontbeerlijk testresultaat die een hele dikke 10 voor de Mini Cooper D opleverde, en samen met het verbruik van 1:35 krijgt deze Mini Cooper D dan ook een hele dikke 10 van mij. Het nieuwe Mini van BMW bestaat al meer dan anderhalf decennium, en ik had niet verwacht dat ik na jaren van droog staan nog verrast zou kunnen worden. Wel dus want deze Mini Cooper D lijkt in geen enkel opzicht op de Mini’s die ik tussen 2000 en 2009 getest heb.

‘Born in the Netherlands’
Een test als alle andere dacht ik van tevoren, maar ik zat ernaast heel ver naast. De Mini van nu is duidelijk beter dan de Mini van toen, vroegah was niet alles beter dus. Nu wel natuurlijk want deze nieuwe Mini wordt gebouwd in Born/Nederland. Met name het 3-cilinder dieselblok vind ik een geniale zet van BMW/Mini. Van alle dieselblokken - 3/4/5/6/8 cilinders - die ik ooit getest heb vind ik dit verreweg de meest vermakelijke van allemaal. En wat het nog leuker maakt is het ronduit lage verbruik dat je kunt halen als je netjes rijdt. Met mijn zuinigheidsrit heb ik aangetoond dat dit geen enkel probleem is, 1:35 is haalbaar en zelfs als ik zéér sportief reed scoorde ik nog steeds een nette 1:17. Op de dag van het terugbrengen scoorde ik nog even een nette 1:25, en zelfs toen heb ik af en toe lekker sportief door gereden.

Bekijk ook:
Specificaties >>
Foto's >>